• headlines 
  • >

Globalisering bijna voltooid

Opkomende landen maken it-sector grenzeloze bedrijfstak


De vanzelfsprekende suprematie van de westerse wereld loopt op zijn eind. Nergens wordt dat sneller duidelijker dan in de it-industrie. Na de hardware verschuift ook de productie van software en de ontwikkeling van nieuwe producten steeds vaker naar de opkomende landen. Deze landen zijn bovendien zelf de belangrijkste groeimarkten aan het worden. In 2010 zullen de telecommunicatie-uitgaven in de opkomende landen die van de oude wereld overtreffen.

Door Fred van der Molen


Een grote taartpunt voor de Verenigde Staten, een vergelijkbare voor Europa en een flinterdun puntje voor ‘de rest van de wereld'. Dat waren de vertrouwde dia's waarmee internationale it-bedrijven hun kwartaalresultaten toelichtten. Maar dat is niet meer, want de economieën van deze zogeheten ‘opkomende landen' groeien als kool. Dat geldt in de eerste plaats voor India, China, Brazilië en Rusland, maar in wat mindere mate ook voor tal van andere landen uit Oost-Europa, Latijns-Amerika en Azië. Volgens Gartner stijgen de it-uitgaven in deze landen in ieder geval tot 2012 jaarlijks met bijna 10 procent, tegenover 4,6 procent in de oude wereld. En stelt Gartner-analist Partha Iyengar met nadruk: ‘ze groeien niet zo hard omdat hun markten nog zo klein zijn.' Neem de telecomsector. Volgens Gartner spenderen de opkomende landen daaraan in 2010 meer dan 260 miljard dollar. Voor het eerst meer dan de oude wereld, die op zo'n 235 miljard dollar blijft. Het wordt kortom tijd de term ‘opkomende landen'  te begraven.

Hoogwaardige producten
De erosie van de traditionele landsgrenzen is volgens Iyengar - althans in economisch opzicht - in het eindstadium van de globalisering beland. Bijna elk it-bedrijf, van klein tot groot, moet daarom volgens hem heel goed nadenken waar het in de naaste toekomst het beste zijn hulpbronnen inzet of vandaan haalt; of het nu gaat om personeel, hardware, diensten of innovatie.
De eigen industrieën uit de opkomende landen worden sterker en schuiven op in de ‘ waardeketen'; ze maken steeds hoogwaardiger producten en diensten. Dat doen ze - geholpen door een expanderende thuismarkt - mede door westerse bedrijven over te nemen of samenwerkingsverbanden aan te gaan. Nergens is hun groei sterker zichtbaar dan in de it-dienstverlening. Indiase bedrijven als TCS, Infosys en Wipro concurreren steeds vaker zelf voor de grote internationale deals. Hun groeiratio's liggen al jaren boven de 30 procent. Het geld klotst er tegen de plinten.
De innovatie in de computersector kwam tot voor kort grotendeels uit de VS. Ook dat is aan het veranderen.
Iyengar: "Westerse landen moeten zich realiseren dat hun technologische voorsprong snel verdwijnt. Bedenk wel: er studeren jaarlijks meer dan honderdduizend technici af in India, terwijl in het westen technische studies niet populair zijn. "
Met name dat wordt volgens Iyengar voor westerse landen een heel grote uitdaging. Ze moeten iets bedenken om technische studies sexier te maken. Te meer, daar er in de toekomst minder Chinezen en Indiërs naar westerse universiteiten komen. Die kunnen steeds meer in eigen land terecht. Het is volgens hem in ieder geval onverstandig het aantrekken van buitenlandse kenniswerkers aan banden te leggen: "Microsoft hamert niet voor niets op het verruimen van de quota's voor 'green cards'." Ondanks alle outsourcing hebben westerse landen die technici wel nodig.
"Kijk gewoon naar de demografische cijfers. De westerse wereld vergrijst. In India is 70 procent van de bevolking onder de twintig. Zelfs een zeer gesloten land als Japan heeft de poorten al open moeten zetten om ernstige tekorten op de arbeidsmarkt op te vangen." Tot een paar jaar geleden was het volgens Iyengar ondenkbaar dat er grote aantallen Chinezen en Indiërs in Japan zouden werken. Maar het gebeurt. De wereld is met een recht een dorp geworden, te beginnen in de it-sector.


  • Share |

gerelateerde items

/ Geen gerelateerde artikelen aanwezig.



advertenties