- blog
- > Bram Lankreijer
Het wordt tijd voor een volwassen discussie over open source
Zelfs staatssecretaris Heemskerk bemoeit zich ermee tijdens zijn vakantie, zo belangrijk vind hij het; de discussie over open source software en de houding van het NOiV (Nederland Open in Verbinding).
Heemskerk reageert eind juli in de Computable op drie directeuren van softwarebedrijven die een soort tegenoffensief zijn begonnen tegen het programmabureau. Zij verwijten het NOiV dat door hun starre opstelling vele banen verloren zullen gaan.
Bijna tegelijkertijd kwam het nieuws naar buiten dat het NOiV een aanbod voor een onafhankelijk Europees onderzoek naar het beleid van open standaarden en open source software zou hebben afgewezen.
De staatssecretaris steunt het NOiV en wil de dialoog met de ‘gesloten’ softwarebedrijven aangaan, zo meldt hij van zijn vakantieadres. Maar uit alles lijkt de discussie rondom open source software wederom uit te draaien op een zwart-wit welles-niets spelletje, waarbij geen oog meer is voor de nuance, voor argumenten die er toe doen.
Het NOiV-programma, voor het bevorderen van het gebruik van open source en open standaarden door publieke instellingen, loopt alweer zo’n twee jaar. In het programma zijn een aantal actielijnen uitgezet die o.a. ervoor moeten zorgen dat publieke instellingen minder leveranciersafhankelijk worden en de software beter interoperabel.
Het programma krijgt gevolg. Zo hebben de eerste ministeries al aanbestedingen uitgezet waarbij open source en open standaarden een ‘must’ zijn. De klacht van de drie directeuren komt dan ook niet uit het niets, want ze maken namelijk met hun huidige licentiemodel geen kans bij deze grote aanbestedingen.
Half juli publiceerden de directeuren van Unit4agresso, Afas en Exact een artikel in het FD als tegenoffensief tegen het NOiV met als wel zeer ongenuanceerde titel: “NOiV kost Nederlandse ontwikkelaar zijn baan”. De heren voelen zich gediscrimineerd. In het artikel beroepen ze zich op het recht op gelijke behandeling.
Zij vinden dat er op voorhand geen onderscheid gemaakt mag worden tussen gesloten of open software. In de recente discussie over de keuze van het ministerie van algemene zaken voor Hippo 7 lijkt ICT-office ook te ageren tegen open source en open standaarden.
De voor het NOiV-programma verantwoordelijke staatssecretaris vond de discussie blijkbaar zo belangrijk dat in de media te lezen, was dat hij tijdens zijn vakantie reageert. Heemskerk stelt in zijn reactie dat open source en open standaarden goed zijn voor innovatie en dat het bovendien aanhaken op een maatschappelijke trend. Hij biedt de klagende softwarebedrijven aan om mee te denken over de concrete invulling van het actieprogramma. Het lijkt er echter op dat de softwareleveranciers niet echt staan te trappelen om op de uitnodiging in te gaan.
Met deze handreiking van de minister was de discussie echter nog niet gesmoord. Professor Brinkkemper, hoogleraar aan de Universiteit Utrecht, bood het NOiV een serieus onafhankelijk wetenschappelijk onderzoek aan naar Actiepunt 11. Dit actiepunt uit het NOIV-programma zegt dat Nederland het Europese beleid van open standaarden en open source software zal stimuleren.
Nu blijkt dat het NOiV het onderzoeksvoorstel van de professor heeft afgewezen, grijpen de softwarehuizen dat aan om het NOiV nog een keer in het verkeerde daglicht te zetten. “Zie je wel, ze hebben iets tegen ons” zeggen ze bijna letterlijk in alle media.
Polarisatie zet door
In deze verhitte discussie wordt er nauwelijks toenadering tot elkaar gezocht door de partijen. Hierdoor ontstaat er een polarisatie: de ene partij verdedigt steeds meer open source en open standaarden als een heilig huisje of een 'open-source fundamentalisme'. De andere partij doet het tegendeel .
Maar in wiens belang is deze polarisatie nu? Het lijkt in ieder geval niet één van de doelen van het NOiV-programma. Het is goed dat er, mede door het NOiV-programma, bestuurlijke aandacht is voor het gebruik van open source en open standaarden. Dat er aan het gebruik van beide voor ict-gebruikers grote voordelen kleven wordt langzamerhand duidelijk bij bestuurders uit de (semi-) publieke sector.
Maar zowel open source als open standaarden zijn geen doel op zich. Beide dienen slechts als middel om te komen tot leveranciersonafhankelijkheid en compatibiliteit tussen verschillende software. Dit zijn de doelen die het NOiV probeert te realiseren.
Door de ongenuanceerde discussie dreigt dit echter naar de achtergrond te verdwijnen, en ontstaat het beeld dat NOiV ernaar streeft om iedere publieke en semi-publieke organisatie in Nederland aan open source te krijgen.
Wellicht gaat er dan ook wel wat fout in de taakopvatting van het NOiV. Op haar internetsite staat letterlijk als taakomschrijving: “Overheidsorganisaties helpen hun weg te vinden waar het gaat om open standaarden, en hen meer bewust te maken van de mogelijkheden van open source software”. Hierbij wordt dus met geen woord gerept over het voorkomen van ‘vendor lock-in’ of aan compatibiliteit.
Ook niet een stukje verder op de site waar men de aanleiding voor het programma bespreekt: “Aanleiding voor het programma was de gedachte in de Tweede Kamer dat het gebruik en toepassen van open standaarden en open source software bijdraagt aan een beter presterende en maximaal dienstverlenende overheid.”
Dit lijkt mij niet heel concreet. Dat betere compatibiliteit en meer leveranciersonafhankelijkheid bijdraagt aan ‘betere prestaties en dienstverlening' klinkt logisch, maar noem het dan ook zo.
De houding die het NOiV aanneemt in de open source discussie is, met de doelen leveranciersonafhankelijkheid en compatibiliteit in het achterhoofd, contraproductief. Neem de uitingen in het nieuws rondom de aanbesteding van de provincie Noord-Brabant en waterschap Noorderzijlvest. Het lijkt alsof beide organisaties aan de schandpaal worden genageld.
Wellicht doet het NOiV dat niet zelf, maar ze zal moeten begrijpen dat de media het wel zo doen laten overkomen, alsof het NOiV beide partijen aan de schandpaal wilt nagelen. Door deze uitlatingen zorgt NOiV voor een polarisatie in de discussie; een polarisatie waar NOiV niet bij gebaat is. In de beeldvorming wordt open source ideologische neergezet, in plaats van als een nuttig instrument om andere doelen te verwezenlijken. NOiV richt haar aandacht in de discussie onvoldoende op deze doelen, en te veel op het instrument.
Van bezwaarmakende softwarebedrijven als Exact, Unit4 en Afas is de houding beter te begrijpen. Zij kunnen hun bestaande bedrijfsmodellen weggooien zodra veel organisaties gebruik gaan maken van open source en open standaarden.
Het lijkt erop dat ze zich nog geen raad weten met nieuwe bedrijfsmodellen die wel goed op de 'open' klantbehoeftes inspelen. Hun poging om de rol van slachtoffer aan te nemen is begrijpelijk, maar er wordt al snel doorheen geprikt door partijen die de discussie begrijpen.
Het is immers grote onzin dat open source en open standaarden ertoe leiden dat Nederlandse ontwikkelaars hun baan verliezen. Ook is het onzin dat een keuze voor open source software leidt tot discriminatie: het gaat immers om de keuze voor een licentievorm. De keuze voor een open source-licentie kan een volledige rationele keuze zijn die bestaande software ontwikkelbedrijven op geen enkele manier uitsluiten. Het gaat immers niet om een bepaald soort product of dienst, het gaat om het aanbieden van software onder een licentievorm.
Maar, de ongenuanceerde boodschap van Exact cs. komt wel aan bij organisaties en besluitvormers met minder kennis op het gebied van open source en open standaarden. Collega’s van mij hebben al reacties gekregen dat het NOiV slecht bezig is. Ze geven geen ruimte en dwingen open source en open standaarden op, zo heet het. In die zin hebben de uitlatingen van de drie directeuren effect: ze dragen bij aan een geloof dat het bij het NOiV gaat om een ideologie om een onterecht streven naar open source en open standaarden.
Nu moet ik ook toegeven dat NOiV de beeldvorming niet altijd meeheeft. Door het afwijzen van het wetenschappelijk onderzoek, aangeboden door professor Brinkkemper van de Universiteit van Utrecht, lijkt het alsof NOiV niet wilt praten met de softwarebouwers van Nederland.
Terwijl er allerlei redenen kunnen zijn voor de afwijzing, bijvoorbeeld de aanzienlijke kostprijs van het onderzoek. Uiteraard wordt deze afwijzing door allerlei partijen gebruikt in de beeldvorming dat het NOiV niet wil meewerken.
De discussie overziend zou mijn advies aan het NOiV zijn om zich niet zoveel in de media te laten zien, in ieder geval niet op de huidige manier. Ze zouden zich niet moeten verlagen tot de gepolariseerde discussie.
gerelateerde items
- Apple is over zijn top heen
En terwijl Apple deze week…
- Wat brengt de uittocht van babyboomers de IT?
Babyboomers gaan de komende jaren…
- C1000 automatiseert factuurverwerking
Op het hoofdkantoor van C1000…
- Wat doen de Amerikanen dat wij Europeanen niet doen?
Ik spreek vaak mensen in…
- Hoe gaan we communiceren in 2020?
Die vraag staat centraal in…
- Een specialist voegt meer waarde toe dan een generalist
Wie naar cloudcomputing kijkt zou…
- De verborgen schat van telecombedrijven
De it-manager die alleen naar…
- SAP investeert opnieuw in mobiliteit en databases
De van oorsprong Duitse leverancier…
- Over social media-stress en informatie overload
Wie wil weten of bijzonder…
- Wat maakt mobile business intelligence uniek
Leverancier Qlikview stelt dat business…
- C1000 automatiseert factuurverwerking (1 reactie)
- Routine killing voor verbetering IT-dienstverlening (1 reactie)
- Veel data, weinig inzicht en geen actie (1 reactie)
- Middelmanagement stuurt op gevoel (1 reactie)
- Cijfers uit BI-systemen grotendeels waardeloos (1 reactie)
- Accountant wil meer zicht op bedrijfsrisico (1 reactie)
- IT-arbeidsmarkt wordt weer hopeloos (2 reacties)
- Vodafone: Apple en Google moeten meebetalen aan mobiel internet (1 reactie)
- Lot EPD-infrastructuur nog niet bezegeld (2 reacties)
- Lot EPD-infrastructuur nog niet bezegeld (2 reacties)
meer bijdragen van
advertenties







